Bekkenbodemfysiotherapie

Urine-incontinentie is goed te behandelen

Vaak begint het met een ‘klein ongemak’: u verliest zomaar een paar druppels urine. Gewoon als u lacht, iets optilt, tijdens het hoesten of terwijl u aan het sporten bent. Bij een inspanning, klein of groot, is er dan sprake van urine-incontinentie. Inspanningsgebonden urine-incontinentie wordt officieel stress-urine-incontinentie (SUI) genoemd. Dit is op zich niet heel ernstig, maar vooral erg vervelend. U kunt zich onzeker gaan voelen. Sommige mensen ervaren hierdoor veel beperkingen in hun dagelijkse leven en/of houden op met sporten. Deze vorm van incontinentie komt voornamelijk voor bij vrouwen. Ook mannen kunnen er last van krijgen, maar dan meestal pas op hogere leeftijd en/of na een prostaatprobleem. Daarom raden we u aan uw incontinentie met uw huisarts of met een fysiotherapeut te bespreken. Want na behandeling kunnen uw klachten afnemen of zelfs verdwijnen.

Welke oorzaken kunnen een rol spelen bij stress-urine-incontinentie?

Volgens een schatting heeft ongeveer 5% van de Nederlandse bevolking last van urine-incontinentie. Exacte cijfers zijn niet bekend, maar stress-urine-incontinentie is verreweg de meest voorkomende vorm van incontinentie. Het is géén ziekte. Vaak is de incontinentie terug te voeren op het niet goed functioneren van de bekkenbodemspieren. Bij iemand met stress-urine-incontinentie werken de bekkenbodemspieren meestal niet goed als het gaat om het ondersteunen van de blaas tijdens buikdrukverhogende momenten. Factoren die van invloed kunnen zijn op het ontstaan van stress-urine-incontinentie zijn onder andere zwangerschap en bevalling. Het kan beïnvloed worden door veel hoesten en zwaar tillen of door de overgang. Ook kan het ontstaan na operaties aan buik, bekken of prostaat. Soms hangt de incontinentie samen met medicijngebruik, gynaecologische aandoeningen of psychische factoren zoals onderdrukte emoties (verdriet, angst of boosheid), spanningen of een zware mentale belasting. Stress-urine-incontinentie is niet alleen afhankelijk van de conditie van de bekkenbodem, maar ook van de houding, de ademhaling, de manier van bewegen en de algemene lichamelijke conditie.

Fysiotherapie kan incontinentie verminderen of zelfs verhelpen

In overleg bepaalt u met uw huisarts of fysiotherapeut welke behandeling het meest geschikt is. De fysiotherapeut met specifieke scholing in deze, gaat samen met u op zoek naar de oorzaak van uw urineverlies en stelt met u een behandelplan op. Tijdens uw behandeling en in de advisering en begeleiding door de fysiotherapeut komen aan de orde:

• Informatie over de (vermoedelijke) oorzaak van uw incontinentie
• Een persoonlijk advies m.b.t. ademhaling, houding en beweging, drinken en toiletgedrag;
• Leren bewust uw bekkenbodemspieren aan te spannen en te ontspannen;
• Leren bewust buikdruk op te vangen.

U kunt met hulp van de fysiotherapeut uw incontinentie verminderen of zelfs verhelpen met oefeningen en door het opvolgen van adviezen. Oefentherapie voor de bekkenbodemspieren in combinatie met advies vormt de basis van de fysiotherapeutische behandeling. Dat blijkt zeer succesvol. Met bekkenbodemtraining wordt gestreefd naar een zo goed mogelijk werkende bekkenbodem.